tijd

Ruik je het parfum

van onze herinnering ?

welke daar boven in de sterren hing

Hoe de punt van mijn neus zacht landde

in de lus van je schouder en hals

het moment verdween

Het gras wordt langzaam geel en dor

de verhalen van de zomer

eindigen onder mijn voetzolen

in mijn huis zijn de muren warm

er staat een lege fles

naast het bed

 

Advertenties

Lieve Orlando,

Wat is er gebeurd?

De afgelopen week zag ik een nachtmerrie-verhaal verdwijnen in de kantlijnen van de social media, het nieuws, gesprekken. Je had een date ‘geregeld’ via Grindr, zoals zovelen van ons dat weleens hebben gedaan. Midden in de nacht een bus pakken of op de fiets springen, de luidste stem in ons hoofd die van onze hormonen, onze eenzaamheid die beantwoord wil worden, vertaald naar geile sex. In de war? Misschien. Verloren? Dat kan. In de modder van de collectieve verontwaardiging, van Baudet tot Cowboys & Indianen, massahysterie over juf Ank en schaats-mania, werd jouw verhaal gereduceerd tot tweets en 100-woorden artikelen op Nu.nl. Ik schaam me. Het is kennelijk al bijna normaal, dat iemand sterft na een (uit de hand gelopen?) sex-date. Voorlopig is er nog geen verdachte. De berichtjes die je stuurde leken niet van jouw hand. Kijken mensen de andere kant op omdat het een te heftig, te naar, ziekmakend verhaal is ? Zijn mensen homo-geweld verslaggeving moe? Ik zou willen dat iemand je een stem had gegeven, of voordat je je huis verliet, een troostend woord, een knuffel, een gesprek. Ik weet ook niet of dat iets had uitgemaakt. Ik denk weleens na over hoeveel mensen zich kwijtraken in de dating app-wereld. Mannen hebben door Scruff, Grindr, Growlr etc. hun identiteit en self-esteem gelijk leren stellen aan ‘horny affirmation’. Het kwetsbaar opstellen verdoezelt door whatsapp berichten vol pikken en konten. Her en der zijn absoluut verhalen te vinden van mannen, die niet meteen een klik voelden, maar de avond zagen veranderen in een intiem, fijn gesprek met een paar borrels erbij, zonder chems, gewoon twee mensen die praten over het leven. Zijn deze verhalen vaker voorkomend? Was jij ook op zoek naar zo’n gesprek Orlando? Wilde je, net zoals de meeste van ons, gewoon liefde vinden, een veilige plek? Ik kan het je niet kwalijk nemen. Ik weet heus wel dat duizenden mannen per dag en nacht via de dating apps afspreken, ik veroordeel mensen niet die op zoek zijn naar wat geil vertier, of zelfs sex verslaafd raken door de apps of in plaats van jus d’orange inschenken of wat ochtend-yoga als eerste kijken hoeveel berichten ze hebben. Ik heb ze verwijderd, mijn profielen gewist. Een van de aanleidingen was een akelige nacht waarin een onbestemd voorgevoel steeds meer voet aan de grond kreeg. Het was rond 3 uur ’s nachts na een halve ‘nuit blanche’  op Bullchat te hebben doorgebracht, geschoren en gedouched, sprong ik op de fiets. Fucking Osdorp. Regen. Kou. Halverwege kreeg ik hartkloppingen, een paniek zorgde ervoor dat mijn ademhaling onregelmatig werd. Ik stapte af van mijn fiets en keek naar de regendruppels in het licht van lantaarnpalen op de Pieter Calandlaan. Het was bijna alsof ik gevaar kon ruiken. Ik maakte rechtsomkeert en ging mezelf thuis verdoven met een half seizoen Mad Men. Uiteindelijk ging ik pas rond vijf uur naar bed. Ik weet niet wat er gebeurd zou zijn als ik was doorgefietst. Ik weet niet Orlando, of je hebt getwijfeld, of bang bent geweest. Ik geloof niet dat de jeugd altijd roekeloos is. Ik geloof dat je gewoon een lekkere date wilde. Ik ken je niet, dat wil ik ook niet pretenderen. Op de foto’s die ik zag, zag ik een lieve, gevoelige jongen. Het verhaal van je lot houdt me dagelijks bezig. Het langzaam oplossen in de diarree van social media van het vreselijke wat gebeurd is. De random woede en verontwaardiging die op diverse onderwerpen wordt losgelaten, en dan in een week wordt ondergesneeuwd door het Forum voor Democratie en schaatspret. Voorlopig blijf ik elke dag woedend en verontwaardigd over je leven wat zo snel ten einde kwam. Ja, ik kan er niks aan doen. Ja, ik voel me machteloos. Ik hoop dat ik , hoe zwak ook, nu ergens een stem heb gegeven. Een stem die nu nog fluistert, maar duidelijker en luider  wordt naarmate je verhaal steeds verder verdwijnt in het gegil en gekrijs van de media.

 

De-vermiste-17-jarige-Orlando

De vergeten bloem en de buik van de verliefde vlinder

Lang,lang geleden in een land hier ver vandaan leefde eens een jonge koningin. Ze was rijk, intelligent en beeldschoon. De Goden waren haar echter niet alleen gunstig gestemd. Ze was ook jaloers, ijdel en afstandelijk.

De koningin woonde in een gigantisch kasteel, wat omringd werd tot in de verste verten door landerijen, velden, kanalen en dorpen. Zij hoorden haar allen toe. Voor de dood van haar gemaal hadden hij en de koningin een heel bijzondere tuin laten aanleggen binnen de muren van het kasteel. Er bloeiden alleen uitheemse bloemen en planten. Er vlogen de meest exotische vogels rond en op de aarde krioelden de meest bizar gekleurde salamanders en kevers. De koningin had altijd met enige spot toegekeken hoe haar echtgenoot zich om de tuin bekommerde en hoeveel tijd hij er in stak. Op zijn strengste instructies zorgde nu de koninklijke tuinman voor de tuin , opdat deze niet verloren zou gaan. De koningin bezocht de tuin nauwelijks. De felgkleurde flora en fauna was niet aan haar besteed.

Na jaren van oorlog met het naburige Groothertogdom sloot de koningin vrede. Alle gevangen werden vrijgelaten en de wapens werden verbrand. Op haar uitnodiging kwam de Groothertog zelf op bezoek om een groot feest bij te wonen om te vrede te vieren.

De Groothertog was altijd zeer innig bevriend geweest met de overleden koning en hij wist van zijn voorliefde voor exotische planten ,bloemen en dieren. Hij had een prachtige verzameling vlinders meegenomen van een van zijn reizen naar de Nieuwe Wereld. Tijdens het feestbanket werd er eerst een net opgetakeld en daarna geopend en honderden vlinders fladderden alle kanten uit. Ze hadden vleugels van paarlemoer en diamant, zo schitterend en ze gaven een zoete,bedwelmende geur af. De gasten van de koningin slaakten kreten van bewondering. De avond was een groot succes. De koningin sloeg de knappe, innemende Groothertog eens beter gade. Bij nader inzien was hij razend knap. Zijn aanvankelijke bravoure interpreteerde ze nu als trots en zijn gekrulde lip niet langer als minachting , maar sensueel. Na een aantal dagen van feesten begaf zij zich op een zwoele avond naar de gastvertrekken van de Groothertog. Zij verliet deze pas laat de volgende dag. De tijd verstreek en inmiddels was de romance tussen de Koningin en de groothertog geen geheim meer. Hun onderdanen vroegen zich af, hoe het ooit mogelijk was geweest dat deze twee landen zo lang op vijandige voet met elkaar hadden geleefd. Op een ochtend, bij het ontwaken, werd de Groothertog wakker van een licht gefladder tegen zijn huid. Het was de prachtigste vlinder die hij ooit had gezien. Zijn vleugels glansden als satijn en zijn bewegingen waren nog sierlijker dan die van de beste balletdanseres. ‘Lieve groothertog sprak de vlinder, ‘ik bewonder u al weken. U bent zo een mooie Groothertog, mag ik even op uw wang zitten?’ De Groothertog was ontroerd door de opmerking van de vlinder en knikte. ‘Natuurlijk lieve vlinder , dat mag’. De dagen die daarop volgden week de vlinder geen moment van zijn zijde. De Groothertog had hem zelfs vernoemd naar Obispo, zijn beste schutter. Tijdens de wandelingen, toernooien, jachtpartijen maar ook ’s nachts tijdens het minnekozen, de vlinder was er altijd. Het begon de koningin behoorlijk te irriteren. Zij wilde de onverdeelde aandacht van de Groothertog. In al zijn verliefde blindheid en goedertierenheid had hij geen erg in de jaloezie van zijn gemalin. Integendeel, de vlammen van zijn hartstocht laaiden hoger en hoger op en omdat nog eens kracht bij te zetten, stuurde hij een bode om de meest unieke, grootste uitbundig gekleurde en zeldzaamste bloem ter wereld te zoeken. Deze wilde hij schenken aan de koningin als bewijs van zijn liefde. ‘Winters en zomers, lentes en herfsten,ga de wereld rond en breng mij de bloem die de koningin overtuigt van de hoeveelheid liefde de ik voor haar koester!’

En zo geschiedde. De bode reisde jaren lang de wereld af. In zijn afwezigheid liepen de spanningen aan het Hof hoog op. De vlinder die verliefd was op de Groothertog was een doorn in het oog van de koningin. Ze verloor langzaam haar schoonheid en haar verstand omdat ze verteerd werd door jaloezie. Op een nacht hulde zij zich in vodden en ging in het Woud van de Hoge Sparren op zoek naar de stulp van de tovenaar, Kazkadenk. Kazkadenk was tevens een edelsmid, wetenschapper en filosoof. Van onder haar armoedige mantel haalde koningin een glazen kooi tevoorschijn. Obispo fladderde er in paniek heen en weer. Ze sprak streng tot Kazkadenk. ‘Vermoord deze vlinder en maak van zijn buik een oogverblindende ring. Die ring breng je me morgen voordat de vogels zingen en de zon lacht’ . De tovenaar knikte nederig en volbracht zijn taak.

De volgende avond, tijdens het diner, stond de koningin langzaam op uit haar zetel en liep naar de andere kant van de tafel. Ze zette een klein gouden kistje neer voor de Groothertog. ‘Voor jou, mijn lief’, fluisterde ze. Enkele seconden verstreken en de Groothertog die minuten, uren, en dagen met Obispo had doorgebracht herkende de buik van de vlinder in een oogwenk, gelijk een amethyst gedrenkt in vloeibaar fluweel. Geschrokken stond hij op waarbij zijn zetel omviel. Hij werd lijkbleek. ‘Maar..dat is…’ De koningin genoot van de uitwerking van haar snode plan. ‘Wel? Wat moest ik doen? Je gaf de voorkeur aan een fladderend schepsel boven mij!’ Ontroostbaar en wenend stormde de Groothertog de eetzaal uit. Hij gaf zijn stalknechten opdracht zijn paard te zadelen, en tevens die van zijn dienaren. Even later galoppeerden zij de ophaalbrug af, de duisternis in.

Nu er geen Groothertog meer was om lief te hebben, noch een vlinder om te haten vond de koningin in geen enkele emotie of bezigheid nog tevredenheid. Ze had geen eetlust meer en keek niet meer in de spiegel. Verdwaasd en vermagerd liep ze door de gangen van het enorme kasteel en krabde haar diensters toen deze probeerden haar te behagen.

Op een dag verscheen de bode. Hij was eindelijk terug van zijn vele omzwervingen. Hij opende een massieve zilveren kist waarin de mooiste bloem lag , die je ooit hebt gezien. Hij rook heerlijk, naar de zoute zeedruppels op lichamen die lang in de zon hebben gelegen, naar duizenden buikdanseressen die hebben gebaad in sandelhout en wier sluiers omhoog kringelen de woestijnnacht in. De kleuren overtroffen die van de kostbaarste edelstenen en zijn bladeren leken gemaakt van ragfijn spinneweb glimmend als damast.

De koningin wierp snel een blik in de kist en gaf de bode een kort knikje. Toen begaf ze zich naar de kleinste en hoogste torenkamer. Daar sloot ze zich op. Pogingen haar te overtuigen om naar buiten te komen mislukten. Uitendeijk gaf het personeel het op. Men vergat de koningin die ooit intelligent , beeldschoon en rijk was. De bloem bleef in zijn zilveren kist liggen.

En ook die vergat men.

ferdinand.

het was niet een nummer waar wij iets mee hadden. het kwam langs in een lijstje in Spotify wat ik had gemaakt voor het sporten. Rain van Kerri Chandler. Een man had flirtend geglimlacht naar me en stond later op zijn hoofd. Ik wilde met mijn oefeningen verder gaan maar kon het niet meer tegenhouden. Ik zag hem dansen in de regen en lachen. Dat was een keer met Pride of Koninginnedag. Ik herinner zijn rollende ogen als ik weer een keer een verhaal over een mislukte date vertelde en zijn meelevende lieve lach terwijl hij met zijn elegante Aubrey Beardsley-esque vingers een sigaret uit het pakje haalde. Ik denk aan alle brieven en kaarten uit de KPN-tijd die hij me heeft gestuurd. Ik was de Duchess, hij de Marquis. Het wordt drukker in de sportschool en de muziek wordt harder gezet. Ik kan niet ontsnappen aan de herinnering en het gemis. Er is een stoel tegenover de behandelkamer van de fysiotherapeut vrij. Voor zover dat mogelijk is voor iemand van bijna 2 meter probeer ik me zo klein mogelijk te maken. De tranen zijn er al lang. Je komt nu eenmaal niet vaak iemand tegen in het leven die je zo goed begrijpt. Iemand die je bijna niets uit hoeft te leggen. ‘Een plekje geven ‘ en ‘accepteren’ zijn holle frasen. Dat gemis gaat nooit meer weg. Ik zou willen dat ik het vooruitzicht had  ’s avonds bij hem langs te gaan, de magnetron-rozemarijn albert heijn maaltijd te nuttigen,  een fles rode biologische wijn soldaat te maken, en hem stevig vast te houden voordat ik de terug zou keren in de regen naar de da Costastraat.

for my friends who are no longer here.

 

 

For my friends

who are no longer here

I write words that seem meaningless

touch skins that are not yours

the laughter in a bar I hear

belongs to other people

from grinning teeth of dreadful bores

I want to hit those in the face

who say let Nature take it ’s course

should I fill the hole in my heart

with memories photographs

or music you loved

what good will it do

you are not here to listen to it with me

the record lingers in my hands

but I haven’t a clue

how I wish that time kept you here

so we could swim and drink wine

and see the sunrise so clear

I ask why but there is no answer, my dear

it is unbearable to not have you around

my friends who are no longer here

love felt by a hole in my heart

distant

yet

so

profound